Aandeelhouders en certificaathouders van de N.V. hebben agenderingsrecht op grond van artikel 2:114a BW. Dit houdt in dat zij, indien zij voldoen aan de kapitaalgrens van 3 procent, het recht hebben onderwerpen op de agenda van de algemene vergadering te doen plaatsen. Het bespreken van bepaalde onderwerpen kan ook als agenderingsverzoek worden ingediend. Bij dat verzoek kan worden gevraagd een motie in stemming te brengen of een informele stemming te houden.1 Van Schilfgaarde, ‘Van de BV en de NV’, Deventer: Kluwer 2017, p. 256. Op 20 april 2018 heeft de HR tussen Boskalis Holding N.V. (hierna: Boskalis) en Fugro N.V. (hierna: Fugro) een interessant arrest gewezen omtrent de positie van de aandeelhouder binnen de Nederlandse beursvennootschap 2Omwille de omvang van het stuk beperk ik mij tot het agenderingsrecht. en het agenderingsrecht. 3HR 20 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:652 (Boskalis/Fugro).

Rechtsvraag

De vraag die centraal stond in Boskalis/Fugro was of de aandeelhouders en certificaathouders, als bedoeld in artikel 2:114a BW, op de algemene vergadering een onderwerp ter stemming (en dus niet alleen ter bespreking) op de agenda kunnen afdwingen dat niet tot de bevoegdheid van de algemene vergadering behoort.

Casus

Fugro is een beursgenoteerde onderneming die actief is op het terrein van bodemonderzoek. Haar aandelen zijn genoteerd aan Euronext Amsterdam in de vorm van certificaten van aandelen. Boskalis hield ten tijde van het voor het arrest relevante feiten een belang van ruim 28 procent in Fugro. Fugro hanteert drie beschermingsconstructies waaronder een beschermingsconstructie op het niveau van twee Antilliaanse dochtervennootschappen van Fugro, waarbij deze dochters een call-optie hebben verleend aan de Antilliaanse Stichting Continuïteit Fugro om preferente beschermingsaandelen te verkrijgen in deze dochters. Boskalis heeft bezwaar tegen deze beschermingsconstructie in het bijzonder en spreekt over ‘een ongebruikelijke en disproportionele stapeling van beschermingsconstructies’.4Dijkhuizen, ‘Boskalis/Fugro: het agenderingsrecht verder uitgehold?’, Bb 2016/1. Op 18 februari 2015 verzoekt Boskalis Fugro per brief een agendapunt met toelichting als stempunt op te nemen in de agenda van de algemene vergadering die zal plaatsvinden op 30 april 2015. Het agendapunt houdt in de aanbeveling aan het bestuur en RvC van Fugro in ‘om al hetgeen te doen dat nodig is om te komen tot een onmiddellijke beëindiging van de beschermingsconstructie die is ingesteld op het niveau van twee in Curaçao gevestigde dochtermaatschappijen van Fugro (stempunt).’ Fugro heeft Boskalis daarop meegedeeld dat zij niet bereid is het agendapunt ter stemming op te nemen in de agenda van de algemene vergadering. Fugro is echter wel bereid het onderwerp ter bespreking te agenderen. Boskalis vordert vervolgens in kort geding om Fugro te verplichten het voorgestelde agendapunt van Boskalis ter stemming in de agenda van de algemene vergadering van 30 april 2015 op te nemen. De voorzieningenrechter heeft de vordering afgewezen. Het Hof heeft dit vervolgens bekrachtigd.

Hoge Raad

Bij de beantwoording van de rechtsvraag herhaalt de HR allereest dat het bepalen van het beleid en de strategie van een vennootschap en de met haar verboden onderneming in beginsel een aangelegenheid is van het bestuur van de vennootschap. Zo ook het hanteren van bepaalde soorten beschermingsconstructies. De algemene vergadering kan haar opvattingen terzake tot uitdrukking brengen door uitoefening van de haar in de wet en de statuten toegekende rechten. Het bestuur heeft verantwoording af te leggen van zijn beleid aan de algemene vergadering, maar is niet verplicht de algemene vergadering vooraf in haar besluitvorming te betrekken of te consulteren.5Behoudens afwijkende wettelijke of statutaire regelingen.Daarbij verwijst de HR naar HR 13 juli 2007 (ABN Amro) en HR 9 juli 10 (ASMI).6HR 13 juli 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA7972 (ABN Amro) en HR 9 juli 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM0976 (ASMI).Het voorgaande brengt volgens de HR mee dat grenzen worden gesteld aan de in 2:114a BW geregelde agenderingsbevoegdheid van de daarin bedoelde aandeelhouders en certificaathouders:

‘‘Nu het bepalen van het beleid en de strategie van een vennootschap en de met haar verbonden onderneming in beginsel een aangelegenheid is van het bestuur van de vennootschap en het bestuur niet verplicht is de algemene vergadering daaromtrent te consulteren, kunnen de in 2:114a BW bedoelde aandeelhouders en certificaathouders de vennootschap niet ertoe verplichten een onderwerp dat een aangelegenheid is van het bestuur ter stemming op te nemen in de agenda van de algemene vergadering. Daarbij doet niet ter zake dat die stemming geen rechtsgevolg heeft en wordt betiteld als een informele stemming, een aanbeveling, een motie of een peiling.’’7HR 20 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:652 (Boskalis/Fugro), r.o. 3.3.7.

Kortom: Boskalis mag, in hoedanigheid van aandeelhouder van Fugro, het bestuur verzoeken om een onderwerp dat aangelegenheid is van het bestuur (zoals hier de Antilliaanse beschermingsconstructie) als bespreekpunt in de algemene vergadering op te nemen, maar het bestuur is niet verplicht om hierover een stemming te laten plaatsvinden. Dan zou Boskalis zich op het terrein van het bestuur, het beleid en de strategie van Fugro begeven.

Referenties   [ + ]

1.  Van Schilfgaarde, ‘Van de BV en de NV’, Deventer: Kluwer 2017, p. 256.
2. Omwille de omvang van het stuk beperk ik mij tot het agenderingsrecht.
3. HR 20 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:652 (Boskalis/Fugro).
4. Dijkhuizen, ‘Boskalis/Fugro: het agenderingsrecht verder uitgehold?’, Bb 2016/1.
5. Behoudens afwijkende wettelijke of statutaire regelingen.
6. HR 13 juli 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA7972 (ABN Amro) en HR 9 juli 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM0976 (ASMI).
7. HR 20 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:652 (Boskalis/Fugro), r.o. 3.3.7.