Auteur: Matthys Mollema

(Vogel)vrijheid in de proeftijd

Partijen kunnen een proeftijd bedingen om vrijblijvend en proefondervindelijk van elkaars hoedanigheden en geschiktheid op de hoogte te kunnen raken. Mocht de werkgever zich voor afloop van de proeftijd bedenken, dan kan hij gemakkelijk opzeggen. Voor de opzegging tijdens de proeftijd hoeft de werkgever dus geen redelijke grond te hebben en is geen instemming van de werknemer vereist. Ook hoeft de werkgever geen opzegtermijn in acht te nemen. Dit artikel ziet op de vraag in hoeverre een proeftijdontslag inhoudelijk getoetst kan worden aan de eisen van redelijkheid en billijkheid.

Lees verder

Gouden handdruk via de rechter

Als een statutair bestuurder ontslagen wordt, kan hij – evenals de ‘normale’ werknemer – de kantonrechter verzoeken om een billijke vergoeding. Hij komt hiervoor in aanmerking onder meer als het ontslagmotief geen redelijke grond oplevert. De statutair bestuurder vervult echter een andere positie dan de ‘gewone’ werknemer. De vraag is of het verschil in positie ook een verschil in beoordeling van de redelijke grond meebrengt. Lees hier meer…

Lees verder

‘Slapende werknemers’ hebben (bijna) recht op duizenden euro’s

Werkgevers kunnen het betalen van een transitievergoeding vermijden door een werknemer niet te ontslaan. Dit is wat er gebeurt met langdurig zieke werknemers. Zij kunnen namelijk niet werken en hebben na twee jaar tijd ook geen recht meer op loon. Omdat zij niet ontslagen worden of zelf ontslag nemen, is er sprake van een ‘slapend dienstverband’. De Hoge Raad is gevraagd om een oordeel en de regering is bezig met een oplossing. Lees hier meer…

Lees verder
  • 1
  • 2